Boekrecensies Minervaria

Over mens en maatschappij

Archive for the ‘Gezondheid en welzijn’ Category

Foute farma

with 2 comments

GoldacreB13GOLDACRE, B, Foute farma. (Vert. Bad Pharma. How drug companies mislead doctors and harm patients, 2012) Breda, Uitg. De Geus, 2013, 507 pp. – ISBN 978 90445 2920 3

We stellen ons graag voor dat de moderne geneeskunde gebaseerd is op betrouwbare wetenschap en op de uitslagen van goed uitgevoerde tests. Goede geneeskunde is immers afhankelijk van deugdelijke behandelingsmethoden. De werkelijkheid ziet er echter alarmerend minder rooskleurig uit. De farmaceutische industrie verspreidt vertekend bewijsmateriaal over de geneesmiddelen die zij produceert.

Hoe krijgen de farmaceutische bedrijven dit voor elkaar? En hoe kan deze scheve toestand rechtgezet worden? Ben Goldacre, arts en gedreven voorvechter van evidence based medicine, doorspitte een torenhoge stapel kwalitatief hoogstaand bewijsmateriaal. Zijn aanklacht tegen de farmaceutische industrie is een hallucinant verhaal over machinaties en doofpotoperaties. Deze  onaanvaardbare toestand brengt patiënten onnodig in gevaar en kost fortuinen aan de gezondheidszorg.

Onderzoek naar medicijnen wordt voor een aanzienlijk deel door de farmaceutische industrie gefinancierd. Met de testresultaten wordt regelrecht bedrog gepleegd. Ze worden met behulp van slimme trucs verbloemd in het voordeel van het eigen medicijn. De heilzame effecten van behandelingen worden overdreven, ongunstige resultaten gebagatelliseerd of verdonkeremaand. Veel medicijnen worden zodoende goedgekeurd op basis van weinig overtuigend bewijsmateriaal.

Het is een heksentoer om aan juiste informatie te komen over de werking en bijwerkingen van een geneesmiddel, zegt Goldacre. Artsen en patiënten weten dan ook niet of medicijnen wel de positieve effecten hebben die ze beloven. Onrustbarender is dat daarmee ook de echte risico’s onder de radar blijven. De wetenschappelijke tijdschriften waarop artsen vertrouwen doen bovendien vaak kritiekloos mee met de desinformatie. Zodoende hebben artsen vaak geen idee welke behandeling de beste is voor een aandoening.

Ook de overheidsinstanties die ons horen te beschermen laten het afweten. Ze slagen er om diverse redenen niet in om behoorlijk toezicht te houden. Vergunningen om een geneesmiddel op de markt te brengen zijn ontoereikend. Farmaceutische bedrijven hoeven alleen maar te bewijzen dat een medicijn beter is dan niets. Ze moeten ook niet correct over de bijwerkingen rapporteren. En er bestaat een forse belangenverstrengeling tussen de overheid en de farmaceutische industrie.

Farmaceutische bedrijven geven bovendien ettelijke miljarden per jaar uit om hun medicijnen te venten aan artsen en patiënten. Een kwart van de inkomsten van de farmaceutische industrie gaat naar marketing. Ze organiseren bijscholingen, geven cadeautjes en proberen patiëntenverenigingen te infiltreren en te sponsoren. Artsen worden door vertegenwoordigers bezocht en ghostwriters schrijven wetenschappelijke artikelen voor wetenschappers. Dat werkt belangenverstrengeling in de hand en drijft de prijzen kunstmatig omhoog.

Verregaande transparantie en duidelijke reguleringen zijn volgens Ben Goldacre de enige manier om aan deze misstanden te verhelpen. Daartoe geeft hij op het eind van ieder hoofdstuk een aantal suggesties. Zo pleit hij er onder andere voor om artsen alle uitbetalingen, geschenken, ontvangsten en gratis onderwijs bekend te laten maken aan patiënten en collega’s. Het is maar de vraag of dergelijke radicale voorstellen een kans maken.

De auteur heeft zich grondig gedocumenteerd. Hij doet geen vage beweringen en hij wijst de schuldigen met naam aan. Als echte wetenschapper gaat hij er echter niet van uit dat hij de waarheid in pacht heeft. Hij vraagt zelf naar kritiek en aanvulling en verklaart zich regelmatig bereid om zijn beweringen bij te stellen indien nodig.

Net als Wetenschap of kwakzalverij is dit boek geschreven op maat van de lezer. De tekst is vlot leesbaar, er worden geen moeilijke medische termen gebruikt en men hoeft niet alles te lezen om de gedachtegang te kunnen volgen. Alle gebruikte termen en afkortingen worden achteraan uitgelegd in een verklarende woordenlijst.

Dit werk is geschreven vanuit oprechte verontwaardiging. Het is immers onaanvaardbaar dat medisch onderzoek mensen onnodig aan risico’s blootstelt. Anders dan in het vorige boek zijn humor en spitsvondigheid hier ver te zoeken. Yvan Wolffers heeft gelijk. Wie Foute farma las zal inderdaad niet meer zomaar pillen slikken.

© Minervaria

Addendum:

Voor het beteugelen van het exuberante gebruik van antibiotica in de veeteelt werkt transparantie alvast: Bayer stopt promo-actie voor gevaarlijke antibiotica voor vee .

Written by minervaria

14 juli 2015 at 12:45

Het einde van de antibiotica

with 2 comments

vandenBrinkR13van den BRINK, R., Het einde van de antibiotica. Hoe bacteriën het winnen van een wondermiddel. Breda, Uitg. De Geus BV, 2013, 412 pp. – ISBN 978 90 445 2348 5

Antibiotica zijn onmisbaar voor de moderne geneeskunde. Voorheen dodelijke infectieziekten, zoals tuberculose, longontsteking en cholera, zijn nu redelijk goed te bestrijden. Zonder antibiotica zouden moeilijke en ingewikkelde operaties geen kans op slagen hebben en te vroeg geboren kinderen zouden bezwijken aan onschuldige infecties.

Aan die geruststellende situatie dreigt in de nabije toekomst echter een einde te komen. Bacteriën ontwikkelen weerstand en steeds meer ziekteverwekkers zijn met de bestaande antibiotica niet kapot te krijgen. Die multiresistente bacteriën zijn de nachtmerrie van iedere zorginstelling. Lastig te behandelen patiënten moeten geïsoleerd verpleegd worden, er gelden extra strenge hygiënevoorschriften voor artsen en verpleegkundigen, en afdelingen moeten tijdelijk gesloten en grondig gereinigd worden. Een superbacterie waartegen de antibiotica niet meer op kunnen, jaagt de maatschappij op enorm hoge menselijke en economische kosten. Rinke van den Brink, journalist bij de NOS, onderzoekt hoe het zover is kunnen komen en wat de gevolgen zijn.

Resistentie van bacteriën tegen dodelijke stoffen is een natuurlijk fenomeen en veel ouder dan de mensheid. Bacteriën muteren om te overleven waardoor ze hun belagers te snel af zijn. Voor dit natuurlijke proces had Alexander Fleming, de ontdekker van penicilline, al gewaarschuwd. Antibiotica dienen schaars toegediend te worden en hand in hand te gaan met hygiënische maatregelen: waterleiding en riolering. Dat de antibioticaresistentie zulke onrustwekkende proporties kon krijgen is het gevolg van de wijze waarop er in de hele wereld met antibiotica omgesprongen wordt.

In ontwikkelingslanden hebben meer dan een miljoen mensen geen toegang tot schoon water en meer dan dubbel zoveel mensen hebben geen toilet. Antibiotica zijn er relatief goedkoop en worden lukraak gebruikt om ziektes bij mens en dier te bestrijden. In de welvarende landen worden antibiotica veel te laks gebruikt, zowel in de menselijke geneeskunde als in de intensieve veeteelt. En de open grenzen met het internationaal reisverkeer en het toerisme maken het onmogelijk om verspreiding van antibioticaresistentie tegen te gaan.

De toekomst ziet er donker uit. In het post-antibioticatijdperk zouden mensen weer kunnen sterven aan keelontstekingen en urineweginfecties. En het ziet er niet naar uit dat het probleem op korte termijn opgelost kan worden. Nieuwe antibiotica zouden deze evolutie kunnen tegengaan, maar voorlopig zitten die niet in de pijplijn. Verantwoord antibioticagebruik is een prachtig streven maar een oplossing voor de lange termijn. Toch moet er dringend werk van gemaakt worden. Zonder antibiotica gaan we immers terug naar middeleeuwse toestanden.

Het einde van de antibiotica is de neerslag van diepgaand en uitgebreid journalistiek onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van onverantwoord antibioticagebruik. Van den Brink evalueert omstandig hoe er binnen verschillende ziekenhuizen met uitbraken van resistente bacteriën omgegaan werd. Hij doet verslag van talloze gesprekken met deskundigen en verantwoordelijken. Zo maakt hij duidelijk hoe ingewikkeld het probleem is en hoeveel verschillende en vaak tegenstrijdige belangen ermee gemoeid zijn.

Dit boek richt zich voornamelijk op de Nederlandse situatie. Daardoor zal het Vlamingen wellicht minder aanspreken. Dit is jammer, want dit werk inspireert tot een meer verantwoorde houding tegenover het gebruik van antibiotica.

© Minervaria

Written by minervaria

15 juli 2014 at 13:16

Geplaatst in Gezondheid en welzijn

Tagged with

Gezond

leave a comment »

WolffersI11WOLFFERS, I., Gezond. De mens, zijn gezondheid en de gezondheidszorg. A’dam, Uitg. Nieuw Amsterdam, 2011, 432 pp – ISBN 978 90 468 0976 1

Op de gezondheid! Als we maar gezond zijn! Bij nagenoeg iedere viering wordt er op gezondheid en welzijn geklonken. Gezondheid wordt in onze samenleving blijkbaar beschouwd als topprioriteit. De voedingsnijverheid noemt haar producten bij voorkeur gezond, de fitnesssector houdt u gezond dank zij uitgekiende bewegingsprogramma’s. En in de alternatieve scene raakt u de weg kwijt tussen de supplementen, kristallen en armbanden die u een gezond leven beloven. Maar wat is gezond?

In Gezond exploreert Ivan Wolffers, de man achter het standaardwerk Medicijnen, hoe wij omgaan met gezondheid en ziekte en hoe onze gezondheidszorg geworden is tot wat zij nu is. Gezondheid blijkt verre van een eenduidig begrip. We spreken over een gezonde sfeer in een gezin of op school. Er is gezonde en ongezonde ontspanning. En het beleid dient te streven naar een gezonde economie en een gezonde politiek. Gezondheid lijkt wel een ideologie geworden. Met zulke hoge idealen moet de gezondheidszorg wel tekortschieten.

Ook als we ons beperken tot de gezondheidszorg wordt duidelijk dat gezondheid een ontzettend complex fenomeen is. Onze visie op gezondheid wordt bepaald door sociale en culturele factoren. Wat iemand gezond noemt is bovendien persoonlijk en hangt nauw samen met hoe men zichzelf ziet. Om mensen te helpen en te ondersteunen dient de gezondheidszorg aan te sluiten op hun persoonlijke verhaal.

Ondanks de spectaculaire vooruitgang van de medische wetenschap en de stijgende levensverwachting worden we steeds ongezonder. Het wordt steeds duidelijker dat we onze gezondheid de vernieling inrijden door de manier waarop we ons huidige leven inrichten. Ingrijpende veranderingen in onze voedings- en samenlevingsgewoonten ondermijnen de balans in ons lichaam en bezorgen ons nieuwe ziekten.

In onze overvloedmaatschappij is de gezondheidszorg bovendien zelf gaan lijden aan een aantal ziektes. Als gevolg van de vermarkting van de gezondheidszorg verdringen efficiëntie en kostenbesparing de prioriteiten van de gebruiker. De toenemende nadruk op de risico’s die gezonde mensen lopen lokt een spiraal uit van angst en voortdurende bezorgdheid dat er iets kan gebeuren. Die spanning legt echter een zware claim op de kwaliteit van het leven en kan mensen juist ziek maken.

Een belangrijke tekortkoming van de moderne westerse geneeskunde is wel dat men te weinig oor heeft voor het verhaal van de gebruiker. Die heeft vaak geen boodschap aan de heersende wetenschappelijke benadering en zoekt erkenning en herkenning in allerhande pseudowetenschappelijke zorg. Als we een duurzame en efficiënte gezondheidszorg willen ontwikkelen die toegankelijk is voor iedereen, zal de zorg veel meer moeten berusten op participatie. Ook andere evoluties, zoals het veranderende leefmilieu en de migratie, vragen een geschikte oplossing.

Dit lijvige boek laat zich het best omschrijven als een boeiende ontdekkingstocht door de wereld van gezondheid en gezondheidszorg. Wolffers maakt een scherpe analyse van wat er in de westerse gezondheidszorg goed en fout loopt. De combinatie van een artsenopleiding met een studie medische antropologie stelt hem in staat om de opvattingen over en de inrichting van de gezondheidszorg door een culturele bril te bekijken. Zo wordt duidelijk dat wij heel wat van andere culturen kunnen leren.

Laat u niet afschrikken door de omvang van dit werk. Het is geschreven als een causerie en u bent bij het laatste hoofdstuk voor u er erg in hebt.

© Minervaria

Written by minervaria

22 april 2014 at 20:38

Wilskracht

leave a comment »

BaumeisterRFtTierneyJ12BAUMEISTER, R.F. & J. TIERNEY, Wilskracht. De herontdekking van de grootste kracht van de mens. (Vert. Willpower. Rediscovering the Greatest Human Strenght, 2012) A’dam, Uitg. Nieuwezijds, 2012, 294 pp. – ISBN 978 90 5712 347 4

Slagen in een opleiding, een vaardigheid onder de knie krijgen, je conditie op peil en je gewicht onder controle houden. Zonder wilskracht lukt het niet. De meeste maatschappelijke en persoonlijke problemen – dwangmatig geld uitgeven en lenen, impulsief geweld, slechte schoolprestaties, uitstelgedrag op het werk, alcohol- en drugsmisbruik – draaien om een gebrek aan zelfbeheersing. Wilskracht is een essentiële sleutel tot succes in het leven.

Iedereen onderkent de voordelen van zelfbeheersing maar het lijkt alsof die onder de bevolking juist afneemt. In een easy living society is wilskracht geen populaire deugd. Er zijn meer verleidingen dan ooit tevoren en het is zo gemakkelijk om je geest te laten ontsnappen. Je kunt urenlang surfen op het internet en elke taak voor je uit schuiven door je mail te checken of op sociale media te vertoeven.

Toch toont wetenschappelijk onderzoek aan dat het vergroten van je wilskracht de zekerste manier is om je leven niet alleen productiever en bevredigender te maken, maar ook gemakkelijker en gelukkiger. En het is niet eens aartsmoeilijk. Dit boek reikt haalbare strategieën aan om thuis en op het werk beter te presteren en je gedachten, emoties en impulsen onder controle te houden.

Eerst maken de auteurs duidelijk wat onder wilskracht kan verstaan worden. Uit vindingrijke experimenten blijkt dat zelfbeheersing beroep doet op beschikbare energie. Bij alle opgaven waarvoor wilskracht nodig is, wordt uit die voorraad geput. Hoe meer er gebruikt wordt des te minder er voorradig is. Er moet dus doordacht mee omgesprongen worden. Hoe doe je dat?

Uit het wetenschappelijk onderzoek naar wilskracht valt daarover heel wat te op te steken. In de eerste plaats kom je te weten hoe je je voorraad tijdig kunt aanvullen en op peil houden. Je verneemt hoe je realistische en haalbare doelen kunt stellen en aan welke criteria goede to-dolijstjes beantwoorden. Je wordt gewaarschuwd voor de addertjes onder het gras van ambitieuze goede voornemens. Je leert waarom je wilskracht het begeeft als je shopt tot je erbij neervalt en waarom ze sterker wordt als je je eigen prestaties bijhoudt.

Er valt ook veel te leren van mensen met een buitengewone zelfbeheersing zoals stuntmannen en ontdekkingsreizigers. Zij passen mentale trucjes en strategieën toe die helpen om wilskracht te sparen voor wanneer ze onmisbaar is. Wilskracht heeft immers veel minder te maken met eenmalige heroïsche prestaties dan met het vormen van goede gewoontes en met doelen stellen op lange termijn.

De auteurs nemen ook de rage van zelfwaardering in de opvoeding op de korrel. Die belemmert kinderen juist om deze te ontwikkelen. Het gaat immers net andersom: ze ontwikkelen geen zelfwaardering door buitensporige lof maar door het aanleren van discipline. Ook hiervoor levert het wetenschappelijk onderzoek een aantal waardevolle tips op.

En natuurlijk kan ook de moeder aller uitdagingen niet onbesproken blijven. Het verband tussen afvallen en zelfbeheersing blijkt veel minder eenduidig dan algemeen wordt gedacht. Er bestaan echter enkele eenvoudige methodes waarmee je een efficiënt strijdplan kunt ontwerpen tegen de overtollige kilo’s en om je gewicht in de hand te houden, zonder dieet of stress.

Voor het gemak krijgt u alle zelfbeheersingspraktijken uit het boek in het laatste hoofdstuk nog eens op een rij. Maar alle methodes om weerstand te bieden aan verleidingen en je doelen te bereiken zijn pas effectief als je ze niet uitsluitend gebruikt om crisissen te beheersen. Ze werken alleen goed als je ze aanwendt om te voorkomen dat je in de problemen komt op het kritieke moment.

Roy Baumeister, hoogleraar sociale psychologie, heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar wilskracht en zelfbeheersing. Dit boek presenteert dus wetenschap uit de eerste hand. Het biedt niet alleen een schat aan inzichten en bruikbare tips, maar ook een boeiende inkijk in de keuken van het wetenschappelijk onderzoek. John Tierney, wetenschapsjournalist bij The New York Times, zorgde voor de toegankelijke en vlot leesbare tekst.

© Minervaria

Lees over wilskracht ook De kracht van wilskracht

Written by minervaria

28 februari 2014 at 22:15

Ziek van gezondheid

with one comment

DevischI13DEVISCH, I. (red.), Ziek van gezondheid. Voor elk probleem een pil? A’pen, De Bezige Bij, 2013, 190 pp. – ISBN 978 90 8542 5281

Door preventie en effectieve behandelingen heeft de moderne geneeskunde ons van veel ellendige ziekten bevrijd. De zorg voor gezondheid is in onze samenleving echter doorgeschoten in een gezondheidscultuur. Gezondheid is niet meer de afwezigheid van ziekte maar een ideaal, een maatschappelijk streefdoel. Gezond leven is de norm geworden.

Preventieve screenings, algehele check-ups en MRI Total Body scans moeten voorkomen dat we ziek worden. Gezondheidsconsulenten verleiden ons tot het slikken van vitaminepillen en voedingssupplementen. Bewegingsgoeroes zetten ons aan om de dagelijkse beweging bij te houden met geavanceerde stappentellers. En drukke en ongeconcentreerde kinderen worden gezeglijk met een dagelijks pilletje. Steeds meer aspecten van het leven worden als een medische kwestie gezien.

In deze bundel worden bedenkingen gemaakt bij de plaats van ziekte en gezondheid in onze samenleving. De auteurs verrichtten onderzoek naar medicalisering en de invloed ervan op de verschillende gebieden van onze samenleving. Worden we ziek omdat ons gedrag steeds ongezonder is geworden, of omdat we steeds meer naar gezondheid streven? Indien gezondheidszorg niet alleen problemen bestrijdt maar ze ook genereert, dan is er op zijn minst iets fundamenteel mis met de manier waarop we met ziekte en gezondheid omgaan.

Psychiater Paul Verhaeghe licht toe hoe men in de psychiatrische hulpverlening overtuigd raakte dat de overgrote meerderheid van psychische problemen niets anders is dan neurobiologische stoornissen. Die kunnen bijgevolg het beste met medicatie behandeld worden. Deze aanname berust echter op hardnekkige misverstanden. Bovendien krijgen die behandelingen een onrustwekkend moreel karakter. Ze moeten het gedrag van mensen en kinderen in het bijzonder disciplineren.

Ine Van Hoyweghen, professor in de sociologie van de biogeneeskunde aan de KULeuven, maakt duidelijk hoe de voorspellende geneeskunde ons anders heeft doen kijken naar gezondheidsrisico’s. Verzekeraars maken steeds meer gebruik van medische vragenlijsten om de verzekerbaarheid van mensen in te schatten. Men moet zich ervan bewust zijn dat dit het solidariteitsbeginsel ondergraaft en de deur open zet voor uitsluiting.

Ook de dood ontsnapt niet aan de medische bemoeienis, aldus Donald van Tol, verbonden aan verschillende opleidingen. Vanaf het midden van de vorige eeuw werden stervende mensen steeds vaker afgevoerd naar het ziekenhuis waar ze nog allerlei medische ingrepen ondergingen. Medische hardnekkigheid houdt ook nu nog mensen op hoge leeftijd kunstmatig in leven. In Nederland werd de dood niettemin steeds beter bespreekbaar. In de euthanasiewet die hieruit resulteerde moest zelfbeschikking het onderspit delven tegen het laatste woord van de artsen.

Ignaas Devisch, professor in de ethiek, filosofie en medische filosofie aan de Universiteit Gent, buigt zich over de kern van de discussie. Waarom nemen mensen medicijnen die ze niet nodig hebben of ondergaan ze onnodige screenings? Waarom worden alsmaar meer aspecten van het leven als ziekte, stoornis of syndroom benoemd en worden er medicijnen genomen om dit alles te bestrijden? In onze samenleving heeft individuele verantwoordelijkheid op nagenoeg alle gebieden de plaats ingenomen van geluk of pech. Het individu geraakt verstrengeld in een spiraalbeweging van toenemende sociale druk en als er iets mis loopt in het leven krijgt men de volle verantwoordelijkheid op zijn bord.

Psychoanalytica Ariane Bazan luidt de alarmbel over de gevolgen van het medische model voor de geestelijke gezondheidszorg. In toenemende mate wordt aan steeds jongere kinderen zware psychotrope medicatie voorgeschreven. De nefaste gevolgen en buitensporige risico’s van overdiagnose, mode-epidemieën en overmedicatie worden schromelijk onderschat. Men gaat voorbij aan de essentiële zinsvragen die met psychisch lijden gepaard gaan en aan de betekenis van psychische klachten, met inbegrip van gedragsstoornissen. Deze evolutie is een ware ramp voor de geestelijke volksgezondheid.

De epiloog is van de hand van Laura Batstra, psychologe en verbonden aan de Afdeling Pedagogiek en Onderwijskunde aan de Universiteit Groningen. Ze biedt een heldere samenvatting van de bijdragen en hun conclusies. De medicalisering van het dagelijkse leven grijpt verontrustend snel om zich heen. Aandacht voor de processen, gevaren en mogelijke oplossingen rondom medicalisering kan misschien voorkomen dat we allemaal collectief ziek worden van ons streven naar ‘beter dan goed’.

Daar hebben de auteurs een waardevolle bijdrage toe geleverd. Heel zeker betrachtten ze hiermee geen volledigheid. Toch had een bijdrage over de economische aspecten niet misstaan. De verkoop van pillen, toestellen, kuren en boeken die u in tiptop conditie moeten brengen en houden, swingt de pan uit. Er valt veel poen te rapen met de gezondheidscultuur die onze maatschappij in de houdgreep heeft. En het is maar de vraag wie daarmee gebaat is.

Om deze bundel kunnen gezondheidswerkers en –verantwoordelijken niet heen. Alhoewel niet alle bijdragen even toegankelijk geschreven zijn, zullen ze ook de gewone gebruiker van de gezondheidszorg zeker aanspreken.

© Minervaria

Written by minervaria

5 december 2013 at 12:02

Bestaansleegte

with 2 comments

deHeijM13De HEIJ, M., Bestaansleegte. Hoe hechting leegte overwint. Delft, Uitg. Eburon, 2013, 193 pp. – ISBN 97890 5972 795 3

Ingrijpende persoonlijke ervaringen met zware psychische problemen hebben Monique de Heij op een eigen manier doen kijken naar psychische stoornissen. Ze spreekt liever over psychische verstoring, een ontregeling van de psyche. Mensen in ernstige psychische nood leveren een zware en dikwijls eenzame strijd met bestaansangst. Daaraan wordt in de psychiatrie en psychotherapie vaak te weinig aandacht gegeven.

In dit boek koppelt de auteur haar eigen ervaringen aan belangrijke inzichten in de ontwikkeling van kinderen. Ze exploreert de verschillende voorwaarden die een kind in staat stellen om zijn bestaan ten diepste zin te geven en wel en wee in het leven het hoofd te bieden. Angst en bestaansleegte zijn in een mensenleven altijd aanwezig. Maar de mate waarin iemand die kan verdragen hangt af van het basisvertrouwen in zichzelf.

Psychische nood ontstaat wanneer iemand als kind te weinig zorg, empathie en verbinding heeft kunnen ervaren. Dan ontbeert het kind veiligheid en vertrouwen en moet het zijn toevlucht nemen tot overlevingsstrategieën. Een veilige hechting, door aansluiting op wat het kind nodig heeft, geeft het daarentegen het gevoel dat het kan en mag bestaan. Dit legt de basis voor vertrouwen en zelfrespect.

De auteur onderscheidt vier aansluitingsvormen die een kind toelaten om een positief zelfbeeld en een identiteit te vormen. Vervolgens onderneemt ze een poging om bewustzijn te definiëren en de ontwikkeling van zelfbewustzijn te vatten. Ze legt verband tussen hechting en loyaliteit. De loyaliteit van een onveilig gehecht kind kan beschouwd worden als een overlevingsstijl. De symptomen zoals in de DSM beschreven zijn in feite verdedigingspatronen, die vertellen hoe een kind overleefd heeft in een onveilige situatie.

Tenslotte verdiept de auteur zich in de betekenis van bestaansleegte, een toestand die vaak niet begrepen wordt. In de bestaansleegte raakt iemand het contact met de buitenwereld en zichzelf kwijt. De eenzaamheid van die toestand wordt veelal niet begrepen en dit maakt de mens nog kwetsbaarder dan hij al is. Dan juist is het cruciaal dat de kindpositie van de hulpvrager zich tijdelijk mag hechten aan de helper of therapeut.

In tegenstelling tot wat Monique de Heij beweert zijn er waarschijnlijk heel wat psychotherapeuten die dit zullen bevestigen. Haar beeld van psychische hulpverlening als oppervlakkig en ongevoelig lijkt mij toch erg ongenuanceerd. Heel zeker staat men vaak machteloos tegenover ondoorgrondelijk psychisch lijden. Dan is het wel erg jammer dat zij de lezer zelf in het ongewisse laat over de wijze waarop zij die veilige hechting in haar eigen psycho-integratieve benadering toepast.

Geregeld benadrukt zij immers hoe belangrijk het is om aan te sluiten op de behoeften van een kind, en, in het geval van een mens in psychische nood, op de kindpositie in de volwassene. Het belang van een veilige hechting voor de ontwikkeling en het psychisch welzijn van mensen kan inderdaad moeilijk onderschat worden. Om dat aan te tonen bewandelt zij echter een onnodig ingewikkeld traject met vage esoterische constructies zoals de Oerleegte en transpersoonlijke aansluiting. Haar suggestie dat psychosen uit hechtingsproblemen voortkomen wordt op geen enkele manier wetenschappelijk ondersteund.

Haar betoog mist samenhang en is lastig te volgen. Het lijkt veeleer een compilatie van ideeën, geïnspireerd door persoonlijke ervaringen en aangevuld met inzichten van anderen, met een onduidelijke functie. Zo haalt ze bijvoorbeeld de archetypen van Jung aan, maar daarmee wordt verder niets gedaan. De samenvatting met de kerngedachten op het einde van ieder hoofdstuk kan dit niet goedmaken, want die bevat niet meer dan losse stukken tekst.

Verder ergerde ik me regelmatig aan de vaagheid en onnauwkeurigheid waarmee met begrippen wordt omgegaan. Voorbeeld op bladzijde 109: ‘Hechting en loyaliteit zijn twee verschillende begrippen maar ze hebben elkaar nodig’. De tekst wordt verder doorlopend ontsierd door slordig taalgebruik, zoals ‘Het beeld gaat voorafgaand aan de gedachte.’ (p. 44). Zinnen zonder werkwoord zijn schering en inslag. Een paar voorbeelden: ‘Niet zozeer angst omdat je bang bent om hem/haar te verliezen, maar meer de angst alleen te zijn. Een angst die het gevoel van ‘houden van’ bedekt of vertekent.’ (p. 106); over de Oerleegte: ‘Op het moment dat we ons niet bewust zijn van ons lichaam. Een rust die je niet als leegte ervaart maar als Zijn in de leegte.’ (p. 65)

Ondanks de rommelige uitwerking heeft Bestaansleegte zeker verdiensten. Het vestigt terecht de aandacht op de existentiële nood van mensen met psychische problemen, waaraan al te vaak wordt voorbijgegaan. Monique de Heij leeft oprecht met hen mee en probeert om hun verwarring en ontreddering onder woorden te brengen. Zo poogt ze het onzegbare zegbaar te maken. Zodoende hoopt ze de hulpverlener de hand te reiken om mensen die verstrikt zijn geraakt in de leegte van het bestaan beter te begrijpen. En mensen die psychisch lijden kunnen in dit boek herkenning en erkenning vinden.

© Minervaria

Meer informatie over dit boek

Written by minervaria

31 oktober 2013 at 20:09

Wetenschap of kwakzalverij?

leave a comment »

GoldacreB11GOLDACRE, B., Wetenschap of kwakzalverij? Waarom oppeppende pillen rood, oranje of geel zijn en andere onthullingen. (Vert. Bad Science, 2009) Breda, De Geus, 2011, 446 pp. – ISBN 978 90 445 1730 9

Laat de titel van dit boek u niet op het verkeerde spoor zetten. Het is geen encyclopedie van absurde beweringen en overtuigingen. De oorspronkelijke titel, Bad Science, zegt beter waarover het gaat. Door slechte wetenschap kritisch door te lichten maakt Ben Goldacre duidelijk wat betrouwbare wetenschap is. En welk gebied is daarvoor meer geschikt dan de gezondheidszorg?

Daar wordt in de afgelopen jaren immers steeds meer onzin verkocht. Om de haverklap steken nieuwe theorieën de kop op die de meest absurde behandelwijzen aanprijzen. Ze ogen misschien spannender dan wat de gewone geneeskunde vertelt. Maar als je hun ‘wetenschappelijke’ aanspraken nauwkeurig analyseert, blijken ze gewoon flauwekul.

Dat wordt meteen duidelijk als Goldacre enkele van deze ‘nieuwe en baanbrekende’ gezondheidsideeën op de proef stelt. De populaire ontgiftings- en ontzuringskuren blijken de toets van het wetenschappelijk onderzoek niet te doorstaan. Zo leert u hoe een wetenschappelijk experiment in elkaar zit en hoe men controleert of een theorie klopt.

Een goede theorie is één ding, weten of een behandeling echt werkt een ander. Een rammelende theorie kan immers een geneeswijze opleveren die toch werkzaam lijkt. Een kritische analyse van de homeopathie onthult u de finesses van het wetenschappelijk onderzoek in de moderne, reguliere geneeskunde. Het wordt u duidelijk hoe tests verkeerd kunnen uitpakken en ten onrechte positieve resultaten kunnen geven. U maakt kennis met het placebo-effect en verneemt waarom mensen de neiging hebben de effecten van pillen te overschatten.

Maar kwakzalverij zoals homeopathie en ontgiftende voetbaden is eigenlijk vrij onschuldig. De echte volksverlakkers berokkenen veel meer schade aan de volksgezondheid. Ze misleiden de mensen willens en wetens met onbetrouwbare wetenschap en pakken het echt groots aan.

Met hun tegenstrijdige theorieën hebben zelfverklaarde voedingsdeskundigen een ware voedingshysterie ontketend. Deze nutritionisten slagen erin zich als wetenschappers voor te doen. Maar in feite belazeren ze de mensen met hun fabels over antioxidanten en de weldadige invloed van dure voedingssupplementen. Ze gaan bovendien achteloos voorbij aan de werkelijke oorzaken van een zwakke gezondheid, namelijk armoede en sociale achterstand.

Even schandalig is de wijze waarop de kwaadaardige farmaceutische industrie een loopje neemt met correcte wetenschap. Gegevens uit medicijntesten worden schaamteloos gemanipuleerd om positieve resultaten te kunnen presenteren en negatieve resultaten onder de mat te vegen. Zo heeft de farmaceutische industrie de onrustwekkende medicalisering van het dagelijkse leven in de hand gewerkt.

Ook de media hebben boter op het hoofd. Op de televisie komen kwakzalvers en zonderlingen de meest bizarre theorieën en onderzoeken verkondigen. Veel journalisten hebben er geen benul van hoe de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek geïnterpreteerd moeten worden. Toch produceren ze met veel aplomb gezaghebbende artikels die voor wetenschap moeten doorgaan.

Een goed begrip van statistiek en de wetenschappelijke methode zijn trouwens van groot belang voor een juist begrip van de werkelijkheid. Zonder de betrouwbare kennis van de wetenschap zijn we overgeleverd aan misleidende cognitieve illusies. Intuïtief redeneren heeft in de geschiedenis al teveel onschuldige slachtoffers gemaakt, onder andere in de rechtspraak.

Ongemeen spitsvondig en met onvervalst Brits gevoel voor humor ontmaskert Ben Goldacre de kwakzalvers, de voedingssupplementenindustrie, de farmaceutische industrie en de moderne wetenschappelijke journalistiek. En hij toont met verve aan hoe de antwoorden van de wetenschap misschien niet eenvoudiger zijn en zeker niet hipper, maar wel veel meer steek houden.

Maar laat u niet misleiden door zijn lichtvoetig betoog. Zijn kruistocht is gegroeid uit oprechte verontwaardiging over de manier waarop de gewone mens belazerd wordt door gewiekste en gewetenloze zakenlui. Als u dit boek uit hebt doorziet u de trucs van de onzin, hebt u een goed inzicht verworven in hoe échte wetenschap werkt en bent u immuun tegen nieuwe varianten van flauwekul. En dat heeft u weinig moeite gekost want het laat zich lezen als een causerie.

© Minervaria

Written by minervaria

16 oktober 2013 at 18:32