Boekrecensies Minervaria

Over mens en maatschappij

De cultuur van het nieuwe kapitalisme

leave a comment »

SENNETT, R.,  De cultuur van het nieuwe kapitalisme. (Vert. The Culture of the New Capitalism) A’dam, Meulenhoff, 2007, 160 pp. – ISBN 978 90 290 7921 1

De industriële revolutie van de 19e eeuw veroorzaakte in de Westerse wereld een enorme instabiliteit van de financiële markten, onzekere werkgelegenheid en miserabele levensomstandigheden van de arbeiders. De bedrijven hadden hun les geleerd en schoeiden in de 20e eeuw hun organisatie op militaire leest. Stabiele bedrijven, en welvaart en werkzekerheid voor velen, waren het gevolg. Een rigide bureaucratie heeft echter een keerzijde. De individuele vrijheid in de loopbaan was voor de meesten zeer beperkt.

De mondialisering heeft een nieuwe revolutie ontketend. Richard Sennett, een van de meest gezaghebbende sociologen van deze tijd, noemt die het nieuwe kapitalisme. In dit systeem moeten bedrijven vooral snel evolueren, moet vakmanschap het afleggen tegen talent en is de werknemer in de eerste plaats consument. De voorvechters ervan zingen de lof van de ‘vloeibare moderniteit’ en beweren dat die de vrijheid van het individu verhoogt.

Sennett is daar niet zo zeker van. Volgens hem zijn mensen helemaal niet vrijer geworden door die veranderingen. Het nieuwe kapitalisme gedijt in onstabiele, versplinterde sociale omstandigheden. Voor de ontmanteling van een vaste overheids- en bedrijvenbureaucratie wordt een hoge prijs betaald: groeiende economische ongelijkheid en sociale instabiliteit. De mens die in zo’n systeem kan floreren moet gericht zijn op de korte termijn en bereid om opgedane ervaring los te laten. Volgens Sennett is dit een ongebruikelijk soort mens. Het culturele ideaal dat in de nieuwe instellingen wordt vereist is schadelijk voor veel  mensen die er werken. Mensen weten niet waarheen hun leven leidt, hun bestaan mist een richting en doel.
Hij onderbouwt zijn stelling door middel van de analyse van drie tendensen in het nieuwe kapitalisme.

In de eerste plaats is in de bedrijven de macht overgegaan van het management naar de aandeelhouders. De financiële markten bepalen de toekomst van een bedrijf. Aandeelhouders zijn uit op korte termijnresultaten en snelle winsten. Bedrijven zijn dus wel verplicht om mee te doen met de trend van opeenvolgende interne veranderingen en flexibiliteit. Bovendien heeft de snelle ontwikkeling van communicatie- en productietechnologie de vroegere hiërarchisch geordende bedrijfsstructuur doorbroken en geleid tot verregaande automatisering. Deze evolutie zorgt voor veel spanning en onrust onder de werknemers, die steeds nieuwe taken krijgen en met andere mensen moeten samenwerken.

Korte termijndenken en de noodzaak tot flexibiliteit laten niet meer toe dat mensen in een tijdrovend leerproces vakmanschap ontwikkelen. Zich bekwamen en specialiseren is te duur en ongewenst. Mensen moeten multipel inzetbaar zijn en worden beoordeeld op ‘talenten’ en competenties, een vaak wazig begrip. Ook in het onderwijs is deze tendens waar te nemen: parate kennis en inzetbare vaardigheden zijn ondergeschikt aan de competentie om (ze) te leren. Talenten zijn echter uitwisselbaar en het is je eigen verantwoordelijkheid om die te ontwikkelen en mee te zijn met nieuwe tendensen. Dit houdt nooit op, en ouder wordende werknemers kunnen niet meer bogen op hun ervaring, want die telt niet meer mee.

Evaluaties die niet het vakmanschap maar de talenten focussen worden door de werknemers bovendien als hoogst onrechtvaardig aangevoeld. Maar er is geen keuze want het spook van de overbodigheid ligt voortdurend op de loer.

Ook in de politiek laat zich de nieuwe cultuur voelen. Politiek is consumentisme geworden en de burger een consument, die voortdurend wordt aangespoord om te kopen in de politieke winkel. Alle verleidingstechnieken van de reclamewereld worden ingezet om de persoonlijkheid en opvattingen van politici in de markt te zetten. In het nieuwe kapitalisme is politiek niet meer dan een consumptiegoed geworden, dat inspeelt op momentane problemen en vooral gericht is op korte termijnoplossingen die een gebruiksvriendelijk beleid beloven. Het politieke platform, zegt Sennett, is te vergelijken met het “VW-platform, waarvan kleine materiële verschillen in waarde worden opgeblazen tot merken.” En het laat de burger onverschillig, want als het ene merk hem niet meer bevalt koopt hij een ander.

Voor een aantal werknemers, vooral jonge mensen die nog geen bindende engagementen hebben aangegaan, heeft het nieuwe kapitalisme de persoonlijke individuele ontplooiingskansen verhoogd. Maar tegelijk heeft het de kwaliteit van het institutionele leven afgebroken. Voor veel mensen is dat een regelrechte achteruitgang.

Deze sociale achteruitgang kan echter worden afgeremd als mensen de gelegenheid krijgen om als werknemer een samenhangende carrière uit te bouwen, in werk waarin ze zich nuttig voelen en vakmanschap kunnen ontwikkelen. In het laatste hoofdstuk stelt Sennett kort een aantal initiatieven in deze zin voor. Zoals veel dergelijke academische werken krijgt de analyse van het probleem echter heel wat meer ruimte dan de mogelijke antwoorden. Voor een gerenommeerde socioloog als Sennett is dit een gemiste kans.

De cultuur van het nieuwe kapitalisme is een dun boekje, maar inhoudelijk zeer rijk. De auteur hanteert echter een vrij ondoorzichtige schrijfstijl, en zijn betoog is daardoor moeilijk te volgen. Deze complexe materie had een minder compacte uitwerking verdiend.

© Minervaria

Aansluitende lectuur:
De toekomst van vrijheid

Written by minervaria

10 september 2008 bij 19:00

Geplaatst in Economie, Maatschappij

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: